Vakken

Een korte uitleg over de verschillende vakken op de COV

Nederlands

Bij de intakeprocedure wordt bekeken op welk niveau de leerling het Nederlands beheerst. Leerlingen die nog helemaal geen Nederlands spreken, beginnen in de opvangklas. Daar wordt voornamelijk aandacht besteed aan luisteren en aan het vergroten van de woordenschat. Ook wordt daar al een begin gemaakt met het werken uit de methode Zebra.
We werken in blokken van vijf weken. In deze weken wordt het luisteren, spreken, lezen en schrijven geoefend. Aan het eind van een fase, volgt een toets waarin de lesstof van de afgelopen vijf weken getoetst wordt. De toetsmomenten staan vast: alle leerlingen doen de toetsen in dezelfde week, ieder op zijn of haar niveau.
Als de leerling ongeveer tien weken op school is, wordt er een uitstroomprofiel vastgesteld. Je kunt uitstromen naar het praktijkonderwijs, naar het VMBO (BBL, GL, KBL of TL), HAVO, VWO, naar het ROC beroepsonderwijs of naar een ROC VAVO traject. Er wordt bekeken welk programma de leerling afgerond moet hebben om naar een vervolgschool te kunnen gaan.

Methodes die we gebruiken:

  • Body methode:  Zebra (Dit is een communicatieve methode. In deel 1 en 2 ligt het accent voornamelijk op luisteren en spreken, in deel 3 en 4 meer op lezen en schrijven.) of Breekijzer
  • Luisteren:   Taalriedels
  • Woordenschat:  Alfalfa, Stenvertblokken en Taal op school – schooltaalwoorden
  • Schrijven:   Zet ’t op papier
  • Lezen:   Lezen doe je overal, Beter lezen, Verder lezen, Nieuwsbegrip en Taal op school – vragen en opdrachten en Eenvoudig communiceren
  • Spellen:   Zelfstandig spellen
  • Grammatica:  Klare taal
  • Burgerschap :  Op weg


Wiskunde

Bij wiskunde werk je in boeken die speciaal voor buitenlandse leerlingen zijn gemaakt.
Je werkt in je eigen tempo. Leerlingen die in hun eigen land al veel wiskunde hebben geleerd, kunnen sneller werken dan leerlingen die nog geen wiskunde hebben gehad.

Ook in de wiskundelessen is het leren van de Nederlandse taal erg belangrijk. Als je na de COV naar een Nederlandse school gaat, zijn je wiskundeboeken in het Nederlands

Daarom is er veel aandacht voor het leren van woorden die je later op een andere school in de wiskundeles nodig hebt.

Wiskunde maak je niet alleen in een boek, maar bijna elke les moet je ook oefeningen op de computer maken.

Rekenen

Als je op de COV begint moet je een rekentoets maken.
Zo kunnen we zien of je al goed kan rekenen, of dat je nog rekenlessen moet krijgen.

Burgerschap

Tijdens deze lessen leer je over Nederland, de gebruiken en gewoonten in Nederland en over landen in Europa en de wereld.
Aan het eind van elke periode hebben we met elkaar een themadag over het onderwerp: de ene keer is dit een activiteitendag en een andere keer bezoeken we een museum, of een bezienswaardigheid in de omgeving of is er een voorstelling.

Handvaardigheid

Bij handvaardigheid maak je werkstukken op basis van een bepaald onderwerp.
Daarbij maak je gebruik van je geheugen, fantasie en/of beleving.
Je maakt werkstukken van verschillende materialen, bijvoorbeeld: speelgoed, affiches en een masker.
Je ontdekt dat je kleur, vorm, ruimte en compositie doelgericht kan gebruiken in een werkstuk.
Je leert de benodigde gereedschappen op een veilige manier gebruiken.
Je vergelijkt de werkstukken onderling en daardoor leer je van elkaar.
Je leert dat er verschillende meningen kunnen zijn over de werkstukken en dat deze ideeën persoons-, cultuur- en tijdgebonden zijn.


Sport

Het doel van de lessen is om je met veel verschillende sporten te laten kennis maken en je motoriek te verbeteren. Ook de regels en het omgaan met winst en verlies zijn belangrijke aspecten van de sportles.

De sportlessen bestaan uit de volgende onderdelen:
• Spel: bijvoorbeeld basketbal, volleybal, voetbal, softbal, badminton en tafeltennis.
• Turnen: hierbij komen onderdelen aan de orde zoals ringzwaaien, trampolinespringen, acrogym en touwen.
• Judo.
• Atletiek: bijvoorbeeld hardlopen, hoogspringen, kogelstoten en balgooien.
• Bewegen op muziek.

Ook zijn er jaarlijks sporttoernooien zoals: tafeltennis, voetbal en een atletieksportdag. Je gaat naar een fitnesscentrum en je volgt een aantal clinics in streetdance, BMX en rugby.

 
 
 
 
 
 
© Meerwegen scholengroep \ contact \ sitemap \ Vragenlijst terugkomdag